zondag 1 november 2020

Komt u maar

Het is avond. Naast het duister valt ook de regen over onze stad. Asfalt glanst en klinkers glimmen wanneer ik me door de stad heen spoed.
Bij het ziekenhuis aangekomen, parkeer ik voor de draaideuren die hun eindeloze rondes maken. Ik blijf achter in de auto; in deze tijd moeten mensen met hart dat klaagt of bloeddruk die daalt of stijgt, in hun eentje naar binnen. Na een tijdje komt er een meneer naar buiten. Dik in de zeventig schat ik hem. Onder zijn mondkapje verstopt een verband zijn nek en hals. 
In beide handen die onder de te korte mouwen van een beige overjas uitkomen, draagt meneer een papieren zak die ik herken als apothekersverpakking. Naast de twee genoemde medicijnzakken probeert deze oude man ook zijn wandelstok te hanteren. 
Als hij net als wij van tevoren te verstaan heeft gekregen dat je op dit moment niemand mee mag brengen, ook niet naar de spoedeisende hulp, heeft hij zijn gehoorzaamheid uitgebreid naar de heen- en terugreis.
Terwijl hij mij, in m'n warme auto, passeert, kijkt hij niet op maar schuifelt voetje voor voetje naar de rest van zijn bestaan.

Haiku 24.10.2020

Soms de wereld stom
om haar as en andersom.
Ik vlucht herfstbos in.

woensdag 28 oktober 2020

Oktober

Jouw herfsthuid
die als zachte voor
aan bosgerande akker
mij warm omsluit.

Water als een haardos
recht naar onder valt.
Tranen op mijn hand
stil achter laten. 

Jouw storm is hoorbaar
zelfs in 't minste bladgeritsel.
Zoals een vingerspoor
de naakte rug kan roeren.

Winter-, lente- en zomertranen
bevriezen of verdrogen.
Maar najaarstranenbuien
kringlopen eeuwig.








vrijdag 23 oktober 2020

Wegen vinden

Mijn opa liep samen met zijn maat wekelijks naar de veemarkt. Beiden waren boer én veehandelaar.
Eigenlijk liepen ze elk maar de helft en de andere helft deden ze op een fiets. Dat deden ze ook samen, alleen niet tegelijk. Beiden waren grote mensen en een tikkeltje aan de zware kant. Samen op één fiets zat er niet in. 
Nee, de één vertrok lopend, ergens rond de klok van drie uur 's nachts en de ander vertrok iets later met de fiets. 
Als de fietser na een tijdje de loper voorbij kwam, trapte hij nog een kwartiertje door en zette dan de fiets aan de kant van de weg. Waarschijnlijk tegen een boom; hun wekelijkse tocht slingerde grotendeels door de Veluwse bossen.  
Vervolgens werd de fietser loper. Na een tijdje kwam degene die lopend van huis vertrokken was aan bij het rijwiel en werd fietser.
Dit herhaalde zich net zolang ze een uur of drie vier later de markt in het provinciestadje bereikten. Het vee dat ze kochten en verkochten werd met een veewagentje vervoerd door een vrachtrijder.
's Middags herhaalde zich de tocht, maar dan de andere kant op. Als de handel genoeg opgebracht had, veroorloofde het duo zich, bijna aan het eind van hun terugreis, net voor de laatste etappe, een borrel in het café van een naburig dorp

Als kind heb ik dit verhaal meermalen van mijn moeder gehoord. Ik weet nog dat ik er ooit een schriftje bijpakte om na te gaan, of dit wel echt sneller was. In mijn beleving werd de hele route gelopen. Al was het door een wisselende voetganger. Na in te zien dat elke loper telkens een stukje van de route met de fiets deed, was ik pas echt van de tijdwinst overtuigd.

De laatste tijd denk ik regelmatig aan dit verhaal terug. Het heeft zich afgespeeld in de jaren dertig en veertig. Niet de eenvoudigste tijd. Het raakt me om te zien hoe mooi mijn voorouders met zo'n tijd omgingen. Ze deden wat ze konden met de middelen die ze hadden. In vertrouwen vonden ze hun weg. 



zaterdag 17 oktober 2020

Blijde boodschap

Wat heerlijk om blij te zijn. Omdat er zoveel moois gebeurt. Graag neem ik je mee in wat hier de afgelopen vierentwintig uur zomaar langs is gekomen. Daarvoor moet ik je een paar dingen uitleggen.

Wij hebben hier in de stad de langste kerk van heel het land. Nog iets meer dan honderd meter telt ie.
Op een zondag zitten er meestal meer dan duizend mensen in de kerk. Die mensen luisteren naar woorden die het leven zin geven, ze zingen een lied waarmee ze hun gevoel vertolken en luisteren naar muziekstukken op orgel, piano of andere instrumenten die hen even uittillen boven het gewone dagelijkse.
In alle diensten is er gelegenheid om je in te zetten voor een ander. In de vorm van een gift of in de vorm van mensen aan elkaar koppelen, waarbij de een de ander, een poosje, vooruit helpt.
Daarnaast is er gelegenheid voor stilte, gebed en ontmoeting. Al met al zijn de meeste van hen gewoon blij dat het zondag is en komen met plezier naar deze plek. 

Ook wil deze kerk zich houden aan de regels die ons zijn opgelegd, om zo gezond en veilig mogelijk door deze ingewikkelde periode heen te komen. Dit heeft geleid tot het bijna helemaal stoppen met de fysieke diensten en overgaan op digitale diensten. Best mooi dat dit kan. Heel veel mensen maken hier ook gebruik van.

Door de week is de kerk overdag als museum open. Iedereen die wil, kan naar binnen. Wel overheerst overdag de culturele setting van dit gebouw. Je kunt dan met een audiotour de kerk door en de prachtige glazen bekijken waarbij je uitleg krijgt. Ook is er een museumwinkel waar je één en ander kunt bekijken en eventueel kopen.

Vanaf aanstaande maandag is de kerk door de week de hele avond open vanaf halfzes. Iedereen die wil, kan binnenstappen, rondlopen en even ergens plaats nemen. Voor stilte, gebed, wat lezen of een andere vorm van rust. Er is altijd  iemand in de kerk aanwezig. En er staat iemand bij de ingang om naast een harteiijk welkom ook te zorgen dat we dit op een veilige en gezonde manier kunnen doen.  

Om dit mogelijk te maken hebben we gisteren wat oproepjes gedaan en binnen vierentwintig uur was er een rooster. Bijna dertig mensen zijn in tweetallen beschikbaar. Geweldig dat mensen zich zo enhousiast aanmelden en tijd en energie willen in de medemens. Dankjewel x; je bent druk met je praktijk, dankjewel y; je was best ziek, dankjewel z; je bent druk met je gezin, dankjewel..., dankjewel..., etc. 
Jullie staan er gewoon. Nu in het rooster en straks in de kerk.







zaterdag 3 oktober 2020

Aan tafel

Als jij nu straks naar voren komt,
schuifelend anderhalve meter
voor en achter ruimte laat.

Je brekend brood ontvangt
en beker aangereikt gaat krijgen.
Een mondgekapte stem 
niet helemaal hoort.
Of bedekte hand
als afstand ziet.

Bedenk dat Jezus 
alles overstemt.
Hij wast jouw voeten
kust je op de mond
en droogt wat traant.

Hij reikt veel verder 
dan ons doen en denken.

Waar Hij is, kom jij
niets tekort.



vrijdag 2 oktober 2020

Opent uwe mond of kappen we hem?

Tot nu toe heb ik de mondkap redelijk kunnen ontlopen. Niet alleen omdat ik er het nut niet van inzie of oprecht denk dat het niet helpend is. Veel meer omdat ik denk dat het uiteindelijke effect schadelijker is. 

Ruim honderd jaar geleden was er de Titanic; een schip dat niet kon zinken. Tenminste dat dachten de bouwers en de passagiers. Tot er een ijsberg kwam. Nou ja die was er de hele tijd al. Alleen zagen ze hem een beetje laat en gingen ze iets te snel om op tijd te kunnen remmen. Gek genoeg had het schip het waarschijnlijk overleefd als ze er recht op af waren blijven koersen. Dan had de boeg een fikse oplawaai gekregen en het meeste servies was aan scherven gevallen. Het schip had namelijk waterdichte schotten waardoor het een schade aan de boeg met een stuk of drie, vier ondergelopen ruimen had kunnen hebben.

Nu ging men bijsturen. Weg van het gevaar dacht men. Alleen schampte de boot nu de ijsberg waardoor de hele zijkant opengereten werd. Het was dan wel geen frontale botsing maar de schade was des groter. Meer dan vijf ruimen liepen via een scheur in de wand vol. Hier hielp geen waterdicht schot tegen.

Vanaf het moment dat de stuurman aan het stuur ging draaien was het schip gedoemd onder te gaan. Al dacht zo goed als iedereen toen de ijsberg gepasseerd was, dat ze 't gered hadden.

Zou het kunnen dat we straks onze handen kapot gewassen hebben? Alle gezonde stoffen die voor een beetje weerstand zorgen gedood? Dat we via mondkapjes onze longen verpest hebben door continu ons eigen uitstoot in te ademen? Dat we zo steriel geworden zijn door al het afstand houden, dat we het virus straks passeren maar sterven aan een tot nu toe onschuldige bacterie? 

Wanneer geven we toe dat we maar een klein bootje zijn in een onmetelijke oceaan waar ijsbergen voorkomen? En dat er niet zoiets bestaat als onzinkbaar. Fijn dat er reddingsboten zijn als het misgaat. Maar kunnen we alsjeblieft het orkest laten spelen? Omdat we weten dat niet alles maakbaar is? Naast het orkest ging ook de kerkdienst door zag ik ooit in een mooie verfilming. Een dominee die mooie dingen sprak en handen vasthield. Samen met mensen zong. Kunnen wij dat ook doen? Een beetje met elkaar blijven praten en wat handen vasthouden? En blijven zingen? Soms zijn er gewoon niet genoeg reddingsboten.

zondag 27 september 2020

Meedoen

Waarom worden mensen die vraagtekens zetten bij het huidige beleid onverantwoordelijk genoemd? Zeg je dan dat je niet langer mee doet? Betekent dit dat er een groep is die wel meedoet?

Of ligt het probleem dieper? Legt dit virus de tweedeling in onze maatschappij bloot?
Waarbij de één koste wat kost het gewende normaal wil handhaven. Leven vooral maakbaar moet zijn. Desnoods met strenge regels alles lam leggen zodat we, als straks het vaccin er is, we weer verder kunnen waar we gebleven waren? Met wat schade aan de samenleving en de economie. Best gek trouwens dat we deze twee dingen altijd apart van elkaar noemen.

En denkt de ander vooral dat deze pandemie onvermijdelijk was. Dat ie er aan stond te komen. Voor de christelijke lezers een tweeduizend jaar oude voorspelling uit de Bijbel die uitkomt. En voor de niet-christelijke lezers een evolutioniar gebeuren waarbij de aarde zichzelf opschoont. En misschien is dit allebei hetzelfde.

Hoe dan ook; kan het zijn dat er mensen zijn die zich zorgen maken omdat ze betwijfelen of maatregelen zin hebben? Natuurlijk zal anderhalve meter de besmettingssnelheid tegengaan. Minder doden op de korte termijn. Maar wat als het gewoon de bedoeling is dat dit virus huishoudt op onze aarde. Dat we aan de vooravond staan van een decimering van onze planeet.

Willen we dan echt dat onze kinderen opgroeien met de idee dat afstand houden van elkaar de manier van leven is?

Wat als later blijkt dat dit virus, zoals zoveel virussen, stopte voor de zomer en nu weer volop los gaat? En zich niets aantrekt van ons handelen.
Als boerenzoon leerde ik al vroeg dat een virus, in tegenstelling tot een bacterie, in de lucht zit en bijna niet te bestrijden is. Hooguit kun je aan je weerstand werken zodat een virusaanval minder kans van slagen heeft.

In plaats van verzorgingshuizen afsluiten zou ik de bewoners naar buiten willen sturen. Laten we dat allemaal doen. Pak een paar uurtjes zon per dag. Blijf in beweging. Eet twee keer fruit op en een dag en vierhonderd gram groente. Gooi de ramen open en loop elke morgen met je blote voeten door het gras. Leef dicht bij de plek waar we vandaan komen. Het is toch raar dat we alles wat met natuur te maken heeft alternatief zijn gaan noemen en alles wat de industrie voor ons maakt, noemen we regulier.

Stop met demoniseren van de andersdenkende. Natuurlijk geloof ik dat de overheid het beste met ons voor heeft. En dat artsen en virologen doen wat ze kunnen. Wel zijn dit allemaal mensen die gewend zijn om zich tegen welk soort aanval ook te verdedigen met de gedachte dat we terug moeten naar hoe het was voor zo'n aanval.

Mijn vraag is: Wat als er geen terug is? Wat als we staan op de drempel van een nieuw tijdperk. Waarin de aarde haar eigen weg gaat en haar eigen plan uitvoert.

Ik heb inmiddels begrepen dat dit een verschrikkelijk lijden en sterven betekent. Maar wat als dit hoe dan ook gaat gebeuren? Snelheid van besmetting vertragen is mooi
als je in afwachting bent van een vaccin dat ons moet redden. Ik neem aan dat dit nog wel een halfjaartje duurt. Betekent dit dat we komende winter onze kwetsbare medemens weer gaan afzonderen? Niet bezoeken? Eenzaam achter plastic laten sterven. Dat jij jouw vader, moeder of opa en oma nog alleen via een beeldscherm vaarwel mag zeggen?
Dat je dus je laatste adem, die je naar binnen gehapt hebt, uitblaast en alleen een verpleegkundige, verpakt in een soort ruimtepak, ziet die een bordje omhoog houdt met : 'Ze houden van je'.


zaterdag 26 september 2020

Bless the Lord my soul

Bless The Lord

De meeste dagen zag ik de zon schitterend opkomen en vlammend ondergaan. Ik postte er wat foto's van op Insta. Iemand reageerde met een prachtige tekst. Dezelfde avond zocht ik het liedje erbij en luisterde het.
Aan het eind van een roerig weekje raakt me dit lied nog steeds. Zoveel warmte, zachtheid en omarming.
Over een zon die opkomt met tienduizend redenen tot dankbaarheid. Als de dag aanbreekt waar krachten minder worden. Blijven zingen wanneer de avond valt. De passie die blijft. Geloof verdwijnt, hoop gaat weg, liefde is eeuwig. Ik neem een besluit. Ik zal blijven zingen. Tienduizend jaar tot in eeuwigheid. 

https://www.youtube.com/watch?v=2KaHr_5U9Cg&ab_channel=MattRedman-Topic 







zondag 6 september 2020

Nacht


 

Bijna herfst schemert
Avondduister donkert vroeg
geen hand voor ogen 
 
 

 

zaterdag 5 september 2020

Hemel

Waar zomerzon komt
en herfstblad stilletjes gaat
vallen woorden dood.




Haiku, vijf september 2020





woensdag 2 september 2020

De vrouw in het geel

Deze foto is genomen in Den Haag; het centrum van de politieke macht. De vrouw in het geel intrigeert me. Ik weet dat ze demonstreert uit naam van een sociale beweging die zich bezig houdt met het klimaat en biodiversiteit. Daarnaast maakt deze club zich hard voor een burgerberaad.

Al weet ik haar motieven, graag zou ik weten waar ze zwijgend naar kijkt, uitkijkt misschien wel. Voor mij is ze binnen een dag uitgegroeid tot een symbool van verwachting. Om haar een klein beetje te helpen, heb ik wat organisaties, instanties en groeperingen in kaart gebracht.

- De politiek: Sorry mevrouw in het geel, verwacht hier niet teveel van. Zij zijn zich aan het inlezen. Soms zit de onderbouwing van een nieuwe maatregel in het hoofd van een enkele ambtenaar, die dan ook nog eens met vakantie is. Sowieso gaat onze regering de hele zomer dicht, crisis of niet. Hoe serieus kun je ze nemen? Als ze terugkomen zijn ze bezig met een minister naar huis te sturen. Omdat hij zijn moeder kuste.

- Het onderwijs: Tja, zij zijn het nieuwe schooljaar aan het opstarten. Druk met protocollen, deze keer rond het ventileren van de lokalen. Daar schijnt een nieuwe verordening voor te moeten komen. 

- De zorg: Druk doende met het applaus van een paar maanden geleden. Ze willen deze inruilen voor een loonsverhoging.

- De veiligheidsector: Die is erg voorzichtig geworden. Ze durven niemand meer te bekeuren uit angst voor rascist of fascist uitgemaakt te worden.

- Het bedrijfsleven: Zij hebben andere prioriteiten. Iets met geld verdienen.

- De kerken: Los van het feit dat de meeste dicht zitten zijn ze ook niet echt van de protesten. In het algemeen volgen ze vrij gedwee de lijn die door onze regering uitgezet wordt. 

- De christenen: Verwacht daar ook niet teveel van. De helft van onze coalitie is christelijk. Zij stemden onlangs in met het in de modder laten zitten van vijfhonderd kinderen in een vluchtelingenkamp. 

- Familie: Tja ook daar is het soms makkelijker om één schaap met een ietwat andere kleur helemaal zwart te maken. Daarmee ontstaat er één tegenstander waardoor eigen vlekken minder opvallen en zij zich vooral naar binnen kunnen richten.

- Het gezin: Door de bloei van eetgelegenheden die thuis bezorgen, eet iedereen op zijn of haar eigen tijd. Gedachtengoed doorgeven lukt niet echt.

- De relatie: Die staat onder druk. Door al het thuiswerken komt een goed gesprek nauwelijks meer op gang. Daarnaast is er digitaal zoveel te zien en te volgen dat de tijd ontbreekt.

-Dan blijf ik zelf over. Tja, weet je dame in die gele jurk: 'Ik weet niet of er veel is om voor te vechten. Misschien is ons soort gewoon teveel. Is de aarde een beetje klaar met ons.'

Wel wil ik je vragen wanneer jij als laatste vertrekt, wil je dan tegen die prachtige wereld zeggen: 'Sorry, het is ons niet gelukt. Misschien zijn jullie beter af zonder ons. Hoe dan ook bedankt voor alles.'

En als je dat gezegd hebt, gewoon gaan. Doe de deur maar heel zachtjes achter je dicht.



dinsdag 1 september 2020

Buiklanding

Zij belde mij en zei: 'Ik mis je'. Deze drie woorden voelde ik als eerste in mijn buik. Als een heerlijk bad waarin je onder een dikke laag schuim de hitte welkom heet nadat je uren nat en koud hebt rondgezworven.
De woorden kwamen langs mijn hart voordat ze hoofd en hersens bereikten. Op het moment dat ik besefte dat ik pas een kwartier geleden was vertrokken, had de warmte zich al door heel mijn lichaam verspreid.
'Ik mis je'; een simpele zin die mooi en krachtig is in zijn eenvoud.  

Je kunt ze uitspreken zonder dat daar een bepaalde houding van de ander voor nodig is. Natuurlijk voelt het goed als je iets soortgelijks terugkrijgt. Of weet dat een bepaald gevoel wederzijds is. Het is niet echt bevorderlijk voor je relatie als een 'ik mis je', beantwoord wordt met een 'oh wat balen voor je, maar wees gerust; ik heb nog geen moment aan je gedacht'.

Net zoals:' Ik hou van jou'. Magische woorden die aan betekenis winnen door ze uit te spreken en van een adres te voorzien. 
Aan de andere kant; soms is het fijn als een 'ik hou van jou' ontvangen wordt zonder dat er gelijk een bijna automatisch 'ik ook van jou' op volgt. Even een stilte of een andere uiting waaruit blijkt dat je de woorden van de ander ontvangt, is misschien wel net zo waardevol.

Vanmorgen viel me op dat 'ik mis je'en 'ik hou van jou' zinnen zijn die regelmatig langskomen. Wat als we daar 'ik vergeef je' aan toevoegen? Waarom zeggen we dat niet vaker tegen elkaar? Breiden we daar de liefde niet een beetje mee uit? Ja, hij is moeilijker dan die andere twee. Iemand missen en van iemand houden veronderstelt al heel wat liefde. Om deze uit te spreken, vergt minder van ons dan iemand vergeven. 

De wereld is soms een koude plek en af en toe helemaal niet lief. Als alles mislukt kun je altijd nog vergeven, is een mooie uitspraak. 

Het mooie, van bovengenoemde zinnen, is dat je ze net zo vaak uit kunt spreken als dat je wilt. Aan de persoon die het betreft, en als dat niet lukt aan de lucht, een boom of een grafsteen.
En als dat te lastig is? Zeg ze dan heel zachtjes hardop in je hoofd. Misschien landen ze ooit via je hart, zachtjes in je buik.