donderdag 20 september 2018

Hoofdstuk 4. 'Lesuitval'

Bijna vier weken zit ik thuis. Wat dit allemaal kost is niet gelijk in één, twee of drie tellen uit te drukken. Alleen al de papiermassa, die de advocaat van mijn werkgever over mij uitstort. Omgezet in uren kom je al snel aan een half jaarsalaris van een docent. Zeker als je de tijd erbij telt die, zowel mijn werkgever als ik, hier in stoppen. 
Liever wil ik het hebben over gemiste lessen. In vier weken tijd zou ik ruim

2500 keer een leerling vijftig minuten in m'n lokaal gehad hebben.
Samen werken aan werkwoordsvormen, de eerste hoofdstukken uit een boek lezen en beginnen met de basis van de dichtkunst. Ook iedere week een rijtje woordenschat doorlopen en iets doen met begrijpend lezen.
Leerlingen met wat lees-, schrijf- en/of leerproblemen in kaart brengen.
Daarnaast vierhonderd leerlingen waarmee ik de dagopening meemaak. Een moment dat we boeken dicht houden, behalve het meest gelezen boek ter wereld. Daar laten wij ons dan zelf door lezen.
Tien minuutjes per dagopening, waarbij leerlingen en docent zich uitstrekken naar elkaar en naar omhoog.
Vervolgens de vraag naar gastlessen. Mijn werkgever vraagt op de ouderavond eergisteren of er ouders zijn, die gastlessen Nederlands willen geven aan mijn leerlingen. Als vrijwilliger zeg maar. Waarop een ouder antwoordt: 'Dat wil ik wel, maar mag denk ik niet, want ik geef 's avonds theaterles.'
Misschien moet ik niet in een klein tentje voor de school gaan staan. Maar gelijk een grote partytent neerzetten en daar gastles gaan geven. Ik doceer tenslotte 's avonds geen theaterles, krijg het alleen een beetje.

dinsdag 18 september 2018

Open brief aan fractievoorzitter Dijkhoff

Geachte heer Dijkhoff,

Van harte welkom bij ons, protestanten. Een kleine vijfhonderd jaar geleden gingen wij er ook vandoor, bij onze roomse broeders. Dat ging nog wat heftiger. Iets met op deuren hameren, op brandstapels staan en beelden omgooien. We waren echt boos op elkaar.
Ondertussen hebben we de ruzie wat bijgelegd. We praten weer met elkaar en ergens geloven we dat we ongeveer hetzelfde bedoelen, alleen op een wat andere manier. Dit is dus geen vlugschrift om mijn roomse medemensen een klap na te geven. Ik laat niet af, te zeggen dat ook daar heel veel goede, lieve en aardige mensen zitten.
Maar nu u daar toch weg bent, mag ik u misschien onze kerk aanbieden. In die vijf eeuwen hebben we er af en toe een potje van gemaakt. We scheiden ons af waardoor we veel geloofwaardigheid kwijtraakten. En schreeuwden vervolgens over aangedaan onrecht dat het niet mooi meer was.
Dat doen we nog wel eens. We kunnen heel kleinzielig en kleinzerig zijn. Uit op een soort puntenwinst. Wie het hardst schreeuwt, die krijgt soms gelijk.  
We vergeten wel eens wat mensen of groepen. We waren niet altijd lief voor  andersdenkenden. Soms nog steeds een beetje niet.
Maar we doen ons best. Nu ga ik niet opsommen wat we allemaal goed doen, dat is er en dat laat ik voor zichzelf spreken. Nee, ik probeer iets dieper te gaan. Want we willen zo graag. Uitreiken naar omhoog en geloven dat er meer is. Overgeven aan wat verticaals waardoor we onze horizonten kunnen kruisen.
De gedachte dat ik niet alleen in verbinding sta met wat groters dan mijzelf, maar dat het grotere mij kent, ziet en redt.
Omdat ik vaak ook maar een klein mensje ben. Weet u meneer Dijkhoff, er zijn momenten dat ik twijfel. De laatste tijd zelfs best wel veel. Zeker ben ik echt niet, soms geloof ik het wel.
De bries langs een blaadje of de ogen van een oude dame brengen mij dan weer terug. Een oud lied dat mij te binnenschiet. Een tekst. Beiden vertellen me het oude en altijd nieuwe verhaal. Dat ik kind mag blijven, zelfs en misschien wel juist op momenten dat ik geen vader en moeder zie. 
Daarom vraag ik u, ga eens mee. Gewoon de kerk in. En dan bedoel ik niet dat prachtige gebouw hier in het centrum van de stad. Ja dat mag ook, graag zelfs. Nee, de kerk wordt gevormd door mensen zoals u en ik. Ietsje elkaar zien, een beetje verbinden en samen omhoog kijken.
Meneer Dijkhoff, ik ben vaak meer protestant dan christen, en dat laatste niet altijd een hele goede. Maar we hebben wel iets te bieden. Meer dan een dimensie extra zelfs. Het is hemels om verbinding met omhoog te hebben. In Jezus naam. 

Weerzien


Boom werd groter, fiets veel kleiner.
Meer dan dertig jaar later
vindt fiets de boom.
En ik hen beide.

vrijdag 14 september 2018

H3. Schoolkamp

Als christenen zijn we niet van het demonstreren. Best vreemd dat protestanten huiverig zijn voor protesteren. Klinkt als een timmerman die niet timmert. 


Ooit voelden mijn gezagsgetrouwe voorouders zich tot het uiterste getergd. De maat was vol. De zogenaamde Vrije Boeren kwamen in opstand. Een heuse wegblokkade was het gevolg. De koningin werd tegengehouden. Tot de Mobiele Eenheid kwam. Familieleden in politiebusjes. Na een middag op het bureau waren ze, voor het melken, weer thuis. 

De afgelopen weken ben ik geraakt door alle reacties van bekenden en onbekenden, van vrienden, familie, collega's, (oud)leerlingen en hun ouders. De stroom appjes, mailtjes, pb'tjes, kaarten en bloemen wordt eerder groter dan dat ze afneemt. In de reacties hoor en lees ik de verontwaardiging van het onrecht dat er plaatsvindt. Vooral het abrupte en zo zonder enige vorm van gesprek naar huis gestuurd te worden, raakt mensen. 

Best bijzonder ook om reacties te zien veranderen. In het begin zat er naast verontwaardiging de toon van het begrip. Begrip dat theater en mijn school misschien wel een dingetje is. Langzamerhand verandert deze toon in onbegrip nu overal ook de dubbelheid doorsijpelt. Dat er in het voorjaar een theaterstuk opgevoerd is door een examenklas van onze school. Als afstudeeropdracht. Helemaal bizar wordt het, doordat de schoolleiding deze uitvoering heeft goedgekeurd en bijgewoond. Dat dit toneelstuk opgevoerd is in het theater waar mijn prèmiere is, maakt het drama compleet.

Er is nog een overeenkomst. Mijn stuk gaat over een levensverhaal. De weg terug van de verloren zoon zeg maar. Het theaterstuk van de genoemde klas behelst het verhaal van Orpheus die zijn verloren geliefde, de nimf Eurydice, uit het dodenrijk terughaalt. 

Mooie zinnen en zegeningen worden me toegewenst. Ook passeren er nogal wat adviezen. Van het oprichten tot een actie-comité, het starten van een handtekeningsactie tot een sit-inn op school.
Ik ben niet zo'n type die zich aan een hek vastketent, maar kamperen doe ik wel graag. Met een tentje voor de school en een bordje voorzien van wat uitleg, ernaast.
Ik ben niet iemand van de megafoon, maar een protestbord om mijn nek, met daarop puntsgewijs mijn aanklacht, past mij wel. Een aantal stellingen op de voordeur hameren is ook protestants.

Nu komt het bij protesteren op een strategie aan. De eerste anderhalve
week heb ik gezwegen. De tweede anderhalve week heb ik geschreven.  Ook door anderen werd over mij geschreven. 
Het lijkt er op dat we een nieuwe fase ingaan. Van het geschreven woord naar de reportage. Het snelle nieuws zeg maar. En ja, dan doet een beeld meer dan duizend woorden.
Gelukkig heb ik mijn tentje nog niet opgeborgen voor de winter.


dinsdag 11 september 2018

H2. Humor en huilen

Soms is het leven theatraal. En liggen een lach en een traan dicht bij elkaar. 
Op de eerste schooldag word ik ontslagen, omdat ik mijn levensverhaal in het theater ga vertellen. Een week later stuurt diezelfde werkgever mij het verzoek om een cultuurpas (CJP-pas) te bestellen.

Ik citeer: 'Om het gebruik van de cultuurpas binnen de school te stimuleren heeft de directie besloten om alle docenten in de gelegenheid te stellen een CJP pas te bestellen. De pas geeft je een brede keus uit aanbiedingen en kortingen op het gebied van kunst en cultuur, kleding, sportartikelen en tijdschriften.

Toch even neuzen op de CJP-site: 

'CJP is voor cultuurliefhebbers. We organiseren culturele events en werken samen met culturele partners. Op die manier kunnen we korting geven op (film)festivals, concerten en theaters.'

En dan blijven onze niet-refobroeders en zusters zeggen dat we geen gevoel voor humor hebben. Misschien hebben we humor genoeg en huilen we te weinig. Dat laatste halen we snel in.


vrijdag 7 september 2018

H1 "Gok maar wat'

Negen jaar geleden klinkt het door een met docenten gevulde aula:
‘Ook dit jaar verwelkomen we nieuwe collega’s. Het zijn er zestien. In het programmaboekje over de opstartweek van het schooljaar staan de foto’s. Ik ga ze niet voorstellen, alleen over één iemand heb ik een mededeling. Het betreft Arjan van Essen, hij is klaar met zijn behandeling in een kliniek. Daar was hij opgenomen voor zijn gokverslaving. Normaliter doen we geen mededelingen over antecedenten van nieuw aangenomen personeelsleden. Maar in goed overleg met hem hebben we besloten dit nu wel te doen.‘

Ik zie mijn buurman driftig door het programmaboekje bladeren. Bij mijn naam en foto stopt hij. Kijkt mij even geschrokken aan. Hij zet nog net niet zijn tas aan de andere kant neer. Na die tijd spreekt hij mij aan, op een mooie, verbinding zoekende manier.
Dit begin zet de toon voor negen jaar van transparantie. Gewoon de dingen bij naam noemen. Na een leven in verslaving met bijbehorende dubbelheden en ontkenningen. Voor mij de enige manier om vrij te leven.
Die openheid helpt mij en ook de school. Een paar dagen later, loop ik in de pauze de docentenkamer in,
wil even wat kopiëren in het hokje ervoor. Dat lukt me niet. Ik vraag vrij luid in de deuropening: ‘Kan iemand mij even helpen met het kopieerapparaat? Ik weet niet hoe het werkt'. Iemand roept: ‘Wij ook niet, dus gok maar wat.’
Op dat moment wordt het stil. Heel erg stil. In een split second voel ik dat het juist nu belangrijk is om hoe dan ook wel antwoord te geven. Ik antwoord: ‘ Tja , dat is het enige wat voor mij nu niet zo handig is'. We lachen. De één wat harder dan de ander. Maar we lachen. En hiermee is de grondhouding gevonden.
Ook in de stormen die volgen. Publiciteit. Leerlingen die me googelen op internet. Vragen van ouders, enzovoort.
Anderhalf jaar later vraagt de directie mij een programma op te zetten, rond verslavingspreventie. Met een paar enthousiaste collega's aan de slag. Contact met de kliniek waar ik ooit ben behandeld. Zeven jaar lang met alle tweede klassen naar de kliniek. Ontmoetingen met verslaafden en confrontatie met verslavingen.
De school is goed. Zij geeft mij veel vrijheid. Ik ben dankbaar, gezien de nieuwe kansen die ik krijg. Ervaar bewust dat het een Godswonder is om na een verslaving weer in herstel te leven.
Ik probeer terug te betalen wat mij gegeven wordt. Mijn energie richt zich op het samen een mooie school zijn. Niet erg om af en toe een stapje harder te lopen. Een uurtje meer te maken. Of een keer iets uit te voeren waarvan je het belang niet in ziet. We zijn grote mensen.
De jaren rijgen zich aaneen. Met mijn collega's, waarbij een geheel eigen dynamiek ontstaat. Vormen een hecht team. Doen wat we graag willen. Jonge mensen onderwijzen. Meenemen. Soms aan de hand. Soms loslopend. Samen deel uit maken van wat groters.


dinsdag 4 september 2018

Proloog

Het schooljaar is begonnen. Een week geleden liep ik door mijn lokaal. Bezig om alles klaar te maken voor de komst van mijn leerlingen. De ramen open om alles op te frissen. Een paar dode planten weggegooid en alvast wat boeken klaargelegd. Ik had er zin in. Zelf een prachtige vakantie gehad, ik was ook erg benieuwd naar de verhalen van mijn leerlingen. De mooie en de moeilijke. De stoere, de spannende en de niet vertelde verhalen. Ook zin om de lessen weer te beginnen. Hen de kracht van taal te leren. Hoe je de dingen kunt zeggen. Proberen te begrijpen, wat anderen zeggen of schrijven. Nederlands. Prachtig vak. 
Daarnaast geef ik Burgerschap. Een vak waarbij we het er over hebben hoe we als maatschappij met elkaar omgaan. Hoe we uit kunnen reiken naar de ander. Welke afspraken we maken, om in goed fatsoen samen te leven. Geweldig mooi om samen met jonge gasten dit te ontdekken. Hoe het leven vaak bestaat uit keuzes. Die leiden tot iets.  
Wat er bij komt is, dat we fouten mogen maken, het komende jaar. We praten daar over, leren ervan en gaan door.

Het mocht niet zo zijn. Ik was er niet toen zij op school kwamen. Want de hoogste baas van de school wil dat ik wegga. Ontslaan heet dat. Een hoogste baas kan dat. En voordat iedereen nu boos wordt, wil ik zeggen dat dit helemaal niet gek is. Je werkt ergens en net zo goed dat iemand je aanneemt, mag hij of zij je ook ontslaan.

We hebben daar in Nederland wat regels over afgesproken. Als een schilder meer verf op het raam smeert, dan op het kozijn, is het niet raar, dat ie weg moet. Als iemand, die bij de groenteboer werkt, steeds tegen de klanten zegt dat de appels rot zijn, kan ie beter weggaan. Als een verpleegkundige elke dag iemand een verkeerde spuit geeft, kan hij of zij beter wat anders gaan doen. 

Wanneer je in ons land iets doet, wat je baas niet leuk vindt, ligt het moeilijker. Als je bij een Peugeotgarage werkt en je rijdt zelf in een Golf, dan mag je baas daar best iets van vinden. Hij kan zeggen dat ie het niet leuk vindt. Vragen of jij je Golf wilt inruilen voor een Peugeot bijvoorbeeld. Daar praten ze over. Misschien zegt de monteur wel, dat de baas zelf soms ook in een Golf rijdt. Of dat er in de Peugeotgarage ook reclame hangt voor een Golf. 
De monteur kan zeggen, dat voordat hij de Golf kocht, hij dit tegen zijn baas gezegd heeft. En dat zijn baas er een half jaar niets van zegt. Dat ie het vreemd vindt dat hij nu ineens in drie dagen tijd zijn Golf moet verkopen. En dat hij ondertussen niet eens in de werkplaats mag komen.

Na een heftige week heb ik het volgende besloten:
Ik ga schrijven. Dat is wat ik kan en graag doe. Ik ben een man van het vrije woord. Voor mij is structuur van belang, dus u kunt elke dag een stukje van mij verwachten. Hiermee probeer ik mijn vrede en vreugde te bewaren. Naast het verdriet en de boosheid die ik ook ervaar.
Verwacht niet, dat ik mijn school ga aanvallen. Ik werk (nou ja werkte, denk ik) op een prima school. Supergave leerlingen, fantastische collega's en een prima directie op mijn afdeling. Wel zal ik wat vragen stellen. Over de bouw waar ik wat misstanden aan het licht gebracht heb. Vragen hoe het in de wereld mogelijk is dat je van de ene op de andere dag je lokaal moet sluiten en je leerlingen weg moet sturen.
Prima dat mijn werkgever vragen heeft over mijn theater. Ook goed als het eventueel onverenigbaar blijkt met de identiteit van de school. Dat we toch wel wat uit elkaar gedreven zijn. Alles bespreekbaar. Iemand op de eerste schooldag zonder welk voorafgaand gesprek dan ook, naar huis sturen, is niet de manier. 
Sorry leerlingen uit V2C, V2D, V2E, V2G, V1F, V1G, V1C, H2B, sorry! Wij als volwassen mensen, moeten ons de ogen uit ons hoofd schamen. Op het moment dat we jullie moeten leren, hoe we als maatschappij met elkaar om zouden moeten gaan, geven wij jullie het slechtste voorbeeld. Misschien kan ik naast mijn blog weer een videokanaal openen waar jullie dan toch wat lessen kunnen volgen. Gewoon door het voorlezen van een boek. Ik zit te twijfelen tussen 'Het laatste offer', 'Woedend' of 'Machtsspel'. 














maandag 20 augustus 2018

Er spoort niemand meer



Zegt de rail tegen de biels:
'Stop nu eens met dwarsliggen'.
'Wie, ik?' roept de biels verbaasd.
 'Kijk naar jezelf; jij en die andere rail 
zijn de enige twee die anders zijn.
 Wij liggen allemaal hetzelfde.' 




zondag 19 augustus 2018

Zacheüs en een Zwarte Madonna op Zondag

Ergens verloochent afkomst zich nooit, bedenk ik met een glimlach, terwijl ik een bergpad insla, richting Rocamadour. Al vier ik de zondag anders dan vroeger, het is en blijft wel zondag. Vandaar mijn keuze voor Rocamadour. Na Lourdes de meest bezochte bedevaartsplaats in Frankrijk. Gelegen in het Centraal Massief tussen de Dordogne en de Lot. 
Terwijl ik binnendoor denk te gaan, het is 29 graden en ik heb er al een kilometer of twaalf opzitten, mis ik een afslag en kom uiteindelijk op de verkeerde berg terecht. Wel met een prachtig uitzicht op het kasteel en de kerk, die Rocamadour domineren. Mijn berg heeft trouwens ook een kasteel. Met een stuk minder bezoekers dan die van de Rocamadour. 
Nadat ik een mooie plek gevonden heb, installeer ik me voor een schrijfuurtje.
En bij gebrek aan inspiratie schrijf ik gewoon wat over Rocamadour.  Het betekent Rots van Amadour.  Deze Sint Amadour is een heilige die met zijn vrouw uit Jeruzalem gevlucht was in de vroege tijd. En volgens de overlevering niemand minder dan Zacheüs, een volgeling van Jezus. Deze was een lange tijd de opperbelastingambtenaar voor de Romeinen in Jericho, Israël. Een soort landverrader in het groot. Niet zo'n geliefd mannetje dus. Een mannetje was hij inderdaad want toen Jezus door Jericho kwam, wilde Zacheüs Hem wel eens zien. Omdat hij zo klein was, klom hij in een boom. Met als gevolg dat Jezus hem er uit riep en tot Zijn volgeling maakte. Deze Zacheüs betert zijn leven en geeft de helft van zijn goederen aan de armen. Ook belooft hij iedereen die hij benadeeld heeft het viervoudige terug te geven. Ik heb dat altijd best bijzonder gevonden. Dit betekent dat hij alles waar hij oneerlijk aangekomen was, verachtvoudigd moet hebben. Misschien had hij bankier moeten worden.
Volgens zeggen is hij gevlucht en hier neergestreken. Samen met zijn vrouw Sinte Veronica. Deze vrouw bood, volgens overlevering een doek aan, toen Jezus met Zijn kruis op weg was naar Golgotha. Dit om Zijn zweet en bloed af te vegen. Het gezicht van Jezus bleef in de doek achter. Deze doek is in de katholieke kerk een relikwie geworden. Haar naam Veronica stamt af van Vera en Icon dat 'waar beeld' betekent. Niet verwonderlijk dat deze dame de patroonheilige is van alle katholieke fotografen.
Veronica genas later een Romeinse keizer met de doek (ik dacht Tiberius). Deze keizer, genezen door een 'çhristelijke' doek, verbande hierop Pontius Pilatus daar deze Jezus had gedood.
Zacheüs en Veronica zijn dus naar Frankrijk gevlucht en hebben hier een kluizenaarsbestaan opgebouwd. Dat kan blijkbaar ook als echtpaar.
In de twaalfde eeuw werd in een tombe het lichaam van deze Amadour geheel compleet aangetroffen. Men bouwde er een kapel omheen en wachtte totdat hij op zou staan. Dit gebeurde niet. Tombe en lichaam werden in een latere godsdienstoorlog vernield.
Daarnaast is Rocamadour beroemd om zijn Zwarte Madonna. Ze hebben hier een hele originele. Soms wordt aangenomen dat deze beelden door het veelvuldig branden van kaarsen voor hen, door roet zo zwart zijn geworden. Toch las ik dat ze echt zo bedoeld zijn. Salomo zijn liefde voor zwarte vrouwen wordt al als een grondlegger gezien. In Egypte vereren ze Isis als zwarte godin. De Keltische oudheid kent naast Freya een godin die Ana heet. Zij wordt gezien als een voorloper van de Zwarte Madonna's in Frankrijk.

Veel van deze Madonna's, zowel beelden als schilderijen, zijn inmiddels ook vernield. Maar ze zijn er nog wel. Net als de doek van Veronica. Als je afgaat op het aantal kerken dat het bezit ervan claimt, is deze doek zelfs verviervoudigd. Net als de belastingteruggaaf van Zacheüs.

zaterdag 18 augustus 2018

Dwarsboom

Vanmorgen tref ik 
een dwarsboom 
op mijn pad.
Dat gebeurt 
wel vaker
maar nu 
letterlijk.

Deze 
is niet 
van zins
om aan de 
kant te gaan.
Ik baan mij een
 weg door en overlangs.


Om er tijden later achter te komen
dat het pad toch echt niet verder gaat.

Als ik gelijk bij de eerste dwarsboom
rechtsomkeert had gemaakt,
Was ik uren eerder aangekomen.
Maar had de ezels, bramen en de kunst gemist.





dinsdag 31 juli 2018

Maannacht

Ons vakantiehuis ligt tussen de Majella, een bergmassief dat onderdeel is van de Apenijnen, en Lanciano, een kustplaats aan de Adriatische Zee. Zowel de bergen als de zee zijn in een kwartiertje te bereiken.
Het huis bevindt zich tussen de wijngaarden en wordt verhuurd door een vriendelijk stel. Beiden zijn, volgens een naambordje op de poort, 'Doctor Ingenieur in de geologie'. In Italië kun je dat blijkbaar zijn zonder één woord Engels te spreken.
Als er echt gecommuniceerd moet worden, doen we dat via hun zoon die op afstand via whatsapp beschikbaar is. De dottore's  wonen in een huis annex kantoorpand grenzend aan ons huis. 
Dit huis is alleen al een vakantieplek. Met op alle kamers ladingen boeken, mooie schilderijen en gave vintage inrichting. Blijkbaar hebben de eigenaars er niet aan gedacht om hun verhuurprijs af te meten aan de inhoud van het huis. Dan was het voor ons onbetaalbaar geweest.   


Gisteren waren we een dagje aan de Adriatische kust. De auto parkeer je langs de kustweg, je struint naar beneden en een paar minuten later lig je in het water. Het kiezelstrand is even wennen aan je voeten. Wat het extra mooi maakt is de ruimte. Ondanks het ontbreken van toeristen sjouwen er wat Noord-Afrikanen rond met hun handelswaar die aan een ingewikkelde constructie aan hun nek hangt  Hier en daar staat een al dan niet verlaten stoel met een parasolletje ernaast. 

Ook een prachtige omgeving om door de buurt te struinen. Kleine paadjes die zich bergop en af slingeren. Tussen de olijfbomen en de wijngaarden door. Grappig is dat de wijngaarden hier veelal in een soort pergola-systeem aangelegd zijn.  Aan de bovenkant is er een bladerdak. Aan de onderkant groeien de trossen met druiven. Men heeft de hoogte afgesteld op de gemiddelde lengte van de streekbewoners. Niemand van ons past er rechtop onder. Daarnaast biedt het heuvellandschap prachtige vergezichten door de valleien waar de dorpjes zich bevinden.

Zeker 's avonds laat, nu het nog bijna volle maan is, loopt dit heerlijk. Al lopend bedenk ik me dat de maan hier luna genoemd wordt. Net als in het latijn. En volgens mij ook in het Roemeens. Best raar dat maan een vrouwelijk woord is. En zon een mannelijk woord. In veel oude religies werd de zon vooral als vrouw gezien en de maan als man. 

Door de toenemende mannelijke invloed schijnt dit ergens omgedraaid te zijn en is de zon weer man en de maan weer vrouw. Daarom heeft Aristoteles (die voor het eerst woorden taalkundig rubriceerde in mannelijk, vrouwelijk of onzijdig) waarschijnlijk de zon en maan hun woordkundig geslacht gegeven. En hebben de meeste talen dit overgenomen. Behalve onze Duitse buren. Deze hebben nog steeds een mannelijke maan: Der Mond. 
Terwijl de maan achter een berg verdwijnt, bedenk ik met een glimlach dat er van de mensen die het afgelopen jaar belangrijk voor me zijn geworden, er één heel vaak met de maan bezig is en de ander een hond heeft die maan heet. En dan in het Latijns. Toch nog eens vragen of het een mannetje of vrouwtje is. Die hond bedoel ik.

zondag 29 juli 2018

Bloedmaan in Bologna

Oké, er zijn leukere bezigheden. Maar niet veel. Ik heb het over een rondje hardlopen in de stad. Normaliter ren ik graag door de weidsheid van de polder, een rondje om een plas of heerlijk over de Veluwe.
Als ik op vakantie ben dan vertoeven we nog wel eens een nachtje in een grote stad. Gewoon omdat we graag reizen en we ergens een stop in moeten lassen. Of gewoon omdat we steden leuk vinden.
Naast de andere dingen die je er kunt doen, heb ik me aangewend om 's  morgens vroeg een rondje door de stad te rennen. Meestal gebruik ik het Centraal Station als uitgangspunt. Daarnaast probeer ik wat pleinen en wat parken aan te doen. Je treft er mooie dingen aan. In Parijs heb ik al meerdere keren gelopen. Waar ik 's avonds nog heerlijk van een terras kon genieten, staat nu een gemeentewerker de stoep te spuiten. Het park waar we gisteravond ons niet helemaal koosjer voelden, is nu een oase van rust. Slechts onderbroken door hier en daar een jogger of een vroege vogel die zijn route afsnijdt en zich door het park haast.
In Madrid treft me dat in de zuilengang, waar de dag ervoor nog de toeristen zich verdrongen, er nu een rij dozen ligt. Die bij mijn nadering tot leven komt. Hele gezinnen kruipen uit de dozen. Ik kan niet zien of het vluchtelingen, roma's of een soort bedelzzp'ers zijn. En wat dan nog. Het slaapt vast minder fijn op het trottoir dan ik in mijn Airbnb-bed.
Maar nu loop ik in Bologna. Een tussenstop bovenin Italië. De dag ervoor hebben we goede vrienden bezocht die bij één van de beroemde Italiaanse meren kamperen. Ook daar weer gezien waar het echt om draait: Verbinding voelen en voeden met mensen dichtbij je. 
Bologna, ooit één van de tien grootste steden van Europa, is de stad van het lekkere eten. Waar ze de bolognesesaus maken. En die gebruiken voor de tagliatelle of de lasagne. Niet voor de spaghetti; dat hebben wij bedacht.

Terwijl ik over een spoorbrug ren, kom ik hele mooie graffiti tegen. En denk ik
aan de bloedmaan die we gisteravond samen bekeken. En aan de volle maan die ons de hele reis hiernaartoe begeleidde. Als een soort vuurkolom, die ooit het oude joodse volk de weg door de woestijn wees, verscheen telkens de maan voor ons. Soms even wat naar rechts, soms wat naar links, maar altijd in ons gezichtsveld.

Inmiddels zitten we een vierhonderd kilometer onder Bologna. In een schitterend huis net buiten Mancini, een plaatsje aan de Adriatische kust. En schrijf ik dit onder een bijna volle maan.
Samen met de bloedmaan bij aankomst en de prachtige muurschildering waarin hij ook centraal staat, genoeg redenen om er naast een zonnige ook een manige vakantie van te maken.

woensdag 25 juli 2018

Heling

Ergens ben ik er nog steeds een beetje beduusd van. Vanmiddag sprak ik Bart. Bart is boerenzoon, Gelderlander en heeft meer dan twintig jaar gegokt. 
Bart zag voor vier jaar terug dat het niet langer ging. Hij bracht zijn dubbelleven in het licht. Ging in therapie. Is genezen. Naast zijn verslaving verloor hij zijn baan, zijn vriendin, huis en nogal wat mensen en dingen.
Hij kreeg en vrij leven terug. Nadat hij een tijdje vastgezeten heeft voor oplichting. Bart kreeg daarnaast ook een soort van levenslang omdat een schuldsanering er voorlopig niet in zit.
Hij is inmiddels expert in rechtzaken, loonbeslag en dergelijke. Het wachten is nu opnieuw op een toegevoegde bewindvoerder. Die laat even op zich wachten omdat de wet wat aangepast is.
Bart is naast een ex-verslaafde, die er een potje van gemaakt heeft, ook een zoon, broer, vriend, schilder en verwoed karpervisser.
Nadat hij mijn verhaal in de krant las, zocht hij contact. Dit contact mondde uit in een ontmoeting vandaag op het Centraal Station in Utrecht. Voor mij een halfuurtje reizen, voor hem een paar uur.
We hebben elkaar twee uur gesproken. We erkenden elkaar als mens met een redelijk turbulent verleden. Een verleden waar we geen van beiden trots op zijn, maar het is er wel.  We herkenden de dwaasheid in de wegen die we bewandeld hebben. We proefden een beetje van elkaars verdriet. Ook wel een beetje bitterzoet gelachen om stomme streken.  Maar bovenal waren we blij met de herkenning van het waardevolle van een vrij leven.
En weet u; mijn regisseur zegt weleens dat tranen helen. Als ze gelijk heeft, zijn er vanmiddag twee mensen weer een stukje geheeld.